Het vier-ogen-principe geldt voor peuterspeelzalen per 1 juli 2015. Het principe vloeit voort uit de Amsterdamse zedenzaak (’t Hofnarretje) en heeft als doel het voorkomen van situaties waarin de gelegenheid bestaat tot het plegen van (seksueel) misbruik.

Het Vierogenprincipe houdt in dat altijd een volwassene moet kunnen meekijken of meeluisteren met een beroepskracht. Een beroepskracht mag nog steeds alleen op de groep staan. Zolang maar op elk moment een andere volwassene de mogelijkheid heeft om mee te kijken of luisteren.

Bij het invullen van het vier-ogen-principe in de praktijk heeft de oudercommissie een adviserende rol. 

Maatregelen en/of voorzieningen die vorm geven aan het ‘vier-ogen-principe’ op de ZIJN peuterspeelzalen zijn:

  • De groep is altijd bezet met twee gediplomeerde pedagogisch medewerkers (VVE groepen) of de gediplomeerde pedagogisch medewerker wordt geassisteerd door een volwassen vrijwilliger (reguliere groepen).
  • Iedere medewerker, stagiair en volwassen vrijwilliger is in het bezit van een geldige VOG.
  • Nieuwe medewerkers mogen pas gaan werken op het moment dat hun VOG binnen is. Dit geldt ook voor stagiaires.
  • Indien nodig staat het pedagogisch handelen van de peuterspeelzalen van Stichting ZIJN staat op de agenda van het peuterspeelzaal leidster (PLO) overleg en/ tijdens het zorgoverleg met de intern begeleider.
  • In het pedagogisch beleidsplan is terug te vinden hoe we met de meldcode werken.
  • De intern begeleider komt regelmatig op de groep voor observaties.
  • Stichting ZIJN is nauwkeurig in het volgen van de regels omtrent leidster-kind ratio.
  • De toiletten en verschoonvoorziening is in de groepsruimte of grenst direct aan de groepsruimte of gang. Indien de toiletten en verschoonvoorziening gescheiden is door een muur van de groepsruimte of gang is er altijd een raam aanwezig. De achtergebleven collega/vrijwilliger in de peuterspeelzaal heeft zo ook zicht op de toiletten vanuit de speelzaal of vanaf de gang.
  • Met kinderen wordt soms in een aparte ruimte gewerkt (kleine groep). In de aparte ruimte is  een raam (of ramen) aanwezig. Hierdoor kunnen de medewerkers altijd toezicht op elkaar houden.
  • De ramen die benodigd zijn voor goede zichtlijnen zijn niet beplakt met poster of werkjes oid.
  • Indien de kinderen buitenspelen, is altijd visueel contact mogelijk tussen de binnenruimte en buitenruimte.
  • Bij buitenschoolse activiteiten zijn er altijd minimaal 2 volwassenen aanwezig.

In het vrijwilligers beleidsplan staan de minimumeisen beschreven waar vrijwilliger die werkzaam is op de peuterspeelzaal aan dient te voldoen; de gemaakte afspraken met de vrijwilliger en de taakomschrijvingen waarin wordt omgeschreven welke bijdrage aan het werk in de peuterspeelzaal van de vrijwilliger wordt verwacht (in samenhang met het pedagogisch beleidsplan).

Back to Top